Oogafwijkingen

De werking van het oog is bijzonder complex. Het licht valt op de eerste lens, wordt gebroken en valt op de tweede lens. De tweede lens zorgt ervoor dat de afbeelding scherp wordt gesteld, waarna het op het netvlies valt. Hier wordt met behulp van de zintuigcellen, de fotoreceptoren, gezorgd dat de beelden omgezet worden in elektrische signalen. Deze komen vervolgens via de oogzenuw in ons ziencentrum in de hersenen terecht. Pas hier worden we ons bewust van de beelden.

dyn010_original_350_194_pjpeg_2672859_a773f7c384b3600c1fa8798980f50dc8

Maar wat als er iets mis is en we niet goed meer kunnen zien? De machinerie van ons oog kan op verschillende plekken haperen. Dit is bijvoorbeeld het geval als de afstand tussen de lens en het netvlies niet goed is. Het brandpunt van het licht kan hierdoor net vóór of achter het netvlies komen te liggen in plaats van er precies op. Het gevolg is dat er onscherpte ontstaat. Als het licht al vóór het netvlies wordt gebundeld is er sprake van bijziendheid. Je kan dan dichtbij wel goed zien, maar beelden in de verte zijn wazig. Bij verziendheid is het precies andersom. Het licht wordt juist achter het netvlies gebundeld. Onscherp dichtbij en scherp veraf zien is het gevolg.

Hypermetropie_(klein)1

De ooglens is in principe soepel. Maar op latere leeftijd neemt deze soepelheid af. De accommodatie van de lens wordt hierdoor minder. Onscherp zien van dichtbij is het gevolg. Dit merken we vaak het eerst op bij het lezen. Als we het leeswerk verder van ons af doen, wordt het zicht beter. ‘Mijn ogen zijn goed, maar mijn armen zijn te kort’ wordt wel eens gezegd. Deze afwijking wordt presbyopie genoemd. Een andere ouderdomskwaal is staar, ook wel cataract genoemd. Dit is de vertroebeling van de lens. Het licht kan dan minder goed binnenvallen op het netvlies. Als gevolg hiervan zie je minder scherp. Slijtage aan de gele vlek of macula is ook een probleem dat zich vaak pas op latere leeftijd voordoet. Dit heet ook wel macula degeneratie. Het heeft te maken met de veroudering van de zintuigcellen. Door dergelijke afwijkingen aan de macula gaan we onscherp zien.